Een psychose is een psychiatrische aandoening, een storing in de hersenen, waarbij men het normale contact met de werkelijkheid, de realiteit, geheel of gedeeltelijk verliest.


Iedereen ervaart de wereld subjectief, maar normaal zijn we in staat om wat er rondom ons gebeurt te relativeren en in de juiste context te plaatsen.  Tijdens een psychose wordt de waarneming van de buitenwereld helemaal bepaald door de gemoedstoestand van de patiënt. Men is niet meer in staat om te relativeren.  Wat men denkt, ziet, voelt en hoort staat in feite los van de realiteit. Het verschil tussen binnen- en buitenwereld is totaal verdwenen. Typische voorbeelden van een psychose zijn bijvoorbeeld de opvatting van de patiënt dat personen op de televisie tegen hem persoonlijk spreken, dat reclames een speciale boodschap aan hem laten zien of dat de buren hem steeds in de gaten houden.


Sommige mensen weten van zichzelf niet dat ze een psychose (gehad) hebben, terwijl anderen zelfs tijdens de psychose weten dat hun perceptie, hun idee van de werkelijkheid niet kan kloppen en zichzelf daarom aanmelden voor behandeling.


Het is vooral bij jonge mensen belangrijk dat we psychotische verschijnselen tijdig vaststellen. Hoe sneller we hulp kunnen bieden, hoe kleiner de kans dat de psychose of de psychotische opstoten en gevoeligheid een permanent karakter krijgen.


Het zorgtraject voor mensen met een psychose bestaat uit:

  • stabiliseren van de symptomen
  • contact krijgen met de leefwereld van de patiënt
  • in kaart brengen van de problematiek
  • verminderen van symptomen
  • zicht krijgen op (het ontstaan van) de psychose en deze een plaats geven in het levensverhaal.
  • zoeken naar een manier hoe het leven na de opname (opnieuw) vorm kan krijgen.


In ons ziekenhuis zijn er drie afdelingen voor mensen met psychotische stoornissen: